
Curaçao and Assistance in Litigation: the “Legal Helper”
April 19, 2026Wie in Curaçao een procedure wil aanspannen tegen een gewone wederpartij, dus een medeburger of een rechtspersoon (NV, BV of stichting) ziet een aantal verrassende dingen.
In tegenstelling tot vele rechterlijke procedures in het Nederlandse deel van het Koninkrijk is op Curaçao rechtsbijstand door een advocaat nooit verplicht; iedereen mag zelf als eiser of gedaagde voor de rechter verschijnen en processtukken maken, dus zelf zijn eisen opschrijven of zijn verweer onder woorden brengen.
Het meest vergaande element en ongetwijfeld stammend uit vervlogen tijden is de regeling van art 110 lid 2 van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (Rv). Daarin staat dat de eiser die niet kan schrijven, zijn vordering mondeling mag voordragen en dat de rechter in eerste aanleg die dan zal (laten) optekenen. Merkwaardigerwijze is dat een voorrecht dat alleen de eiser betreft. De wederpartij moet dus minstens kunnen lezen of hij moet zich de eis laten voorlezen en zijn reactie dan door iemand voor hem laten opschrijven; de rechter helpt hem daarbij niet.
Het tweede opvallende punt bij het procederen is dat de rechter in eerste aanleg ieder van partijen de nodige voorlichting mag geven en actief mag wijzen op rechts- en bewijsmiddelen die zij zouden kunnen aanvoeren. De rechter is dus niet “lijdelijk” of afwachtend zoals in Nederland, maar hij doet naar omstandigheden actief een duit in het zakje om aan partijen de rechtsmiddelen aan te reiken om een vordering goed te motiveren of te bestrijden. Eén van de bekendste weren daarbij is de verjaring, of wel de wettelijke regeling die bepaalt dat als gevolg van tijdsverloop een bepaald recht niet meer kan worden uitgeoefend. Bekend is met name het beroep op verjaring van een geldvordering. Simpel gezegd komt verjaring meestal neer op het wegvallen van de mogelijkheid een wederpartij alsnog met een rechterlijk vonnis te dwingen tot een betaling, eenvoudig omdat het te lang geleden is dat wederpartij die betaling moest doen en de eiser hem of haar te weinig heeft aangemaand om te betalen. Als in een procedure in Nederland een gedaagde die met een vordering tot betaling wordt geconfronteerd, vergeet een beroep te doen op verjaring, mag de rechter dat niet ambtshalve – dus uit zichzelf – toepassen. Bij een mondelinge behandeling van zo’n zaak zie je dan wel dat een rechter langs zijn neus weg opmerkt: “het is wel lang geleden hè? “ daarmee feitelijk dat beroep op verjaring uitlokkend. In Curaçao is dat helemaal geen punt; de rechter mag wel zelfstandig de verjaring toepassen zonder zijn doorzichtige opmerking te maken en ook al doet de gedaagde er zelf geen beroep op!
Wie gaat procederen doet er verstandig aan hulp van een deskundige in te schakelen; dat zal vaak een advocaat zijn. Volgens het procesreglement van het Gemeenschappelijk Hof dat rechtsmacht heeft over de ABC eilanden en de BES wordt als gemachtigde alleen een advocaat toegelaten die bij het Hof is geaccrediteerd, met andere woorden door het Hof is beëdigd en in het rechtsgebied van het Hof kantoor houdt. Wie dus als advocaat in Nederland kantoor houdt en denkt “even” op een van de eilanden namens zijn cliënt een procedure te doen, wordt niet als zodanig aanvaard. Hij mag niet ten behoeve van die cliënt optreden, tenzij er zich ook een lokale advocaat voor die bewuste cliënt heeft gesteld.
Nu is het goed denkbaar dat een procespartij zonder advocaat wil optreden maar wel gebruik wil maken van de hulp van een persoon die geen advocaat is, de zogenaamde rechtshelper. Vaak is dat dan een jurist, soms een oud-advocaat, maar het kan ook een deurwaarder zijn bijvoorbeeld. Dat kan handig zijn, omdat die partij in de rechtszaal dan direct een beroep op de kennis van die persoon kan doen, maar ook als die procespartij in Nederland woont en de mondelinge behandeling hier alleen via een videoverbinding kan bijwonen. De Hoge Raad heeft daarover al in april 1995 in een arrest bepaald dat de rechter die de zitting leidt, de betreffende rechtshelper mag toelaten en het woord kan geven; de Hoge Raad heeft zelfs bepaald dat bij een veroordeling in de proceskosten ook een bedrag kan worden bepaald als kostenvergoeding voor deze rechtshelper. Voor alle duidelijkheid: de rechtshelper kan niet optreden namens zijn cliënt, hij vertegenwoordigt de cliënt dus niet, maar hij helpt alleen bij het maken van de processtukken en bij de mondelinge behandeling. De client moet altijd zelf ook in de rechtszaal aanwezig zijn, hetzij in persoon, hetzij via de videoverbinding als men niet op Curaçao kan zijn op dat moment. De rechtshelper is dus geen procesgemachtigde zoals een advocaat.
Recent bleek dat het Gemeenschappelijk Hof een rechtshelper, oud-advocaat, die speciaal voor een zitting naar Curaçao was gekomen ten behoeve van zijn in Nederland wonende cliënten, op voorhand de mond werd gesnoerd. Er was door mij als advocaat van de cliënten in Nederland gevraagd of deze rechtshelper ter comparitie als zodanig mocht optreden in een erfrechtelijke kwestie waarin hij de in Nederland woonachtige erfgenamen al drie jaar bijstond en waarover hij dus een grote feitenkennis had. Op voorhand werd dat al afgewezen met het ook nog eens het foute argument dat als procesgemachtigden alleen bij het Hof ingeschreven advocaten worden toegelaten. Een foute reactie die als zodanig geen antwoord op de vraag is, want het verzoek was niet of hij als procesgemachtigde mocht optreden.
Een wrakingsactie hiertegen heeft geen resultaat opgeleverd. Cassatie in het belang der wet wordt onderzocht.
Afgezien van het voorgaande: we behandelen en met inzet regelmatig erfrechtelijke kwesties, dus als u een dergelijk probleem hebt, schroomt u dan niet om contact met ons op te nemen.
Leo F. Delfgaauw
advocaat

